♡ Met liefde handgemaakt door Hennetie

Breien

Breien biedt ontzettend veel mogelijkheden. Van eenvoudig tricot breien tot ajour-, kabel- en reliëfpatronen. Iedere techniek geeft een ander resultaat en juist die afwisseling maakt breien voor mij zo leuk. Ook de manier waarop een kledingstuk wordt opgebouwd kan verschillen.

Een trui kan bijvoorbeeld van mouw naar mouw worden gebreid, van onder naar boven, beginnend bij de boord, of juist van boven naar beneden, waarbij bij de hals wordt begonnen.

Zelf brei ik truien en vesten graag van boven naar beneden op een rondbreinaald. Deze manier van breien geeft een mooi resultaat, omdat er geen naden nodig zijn aan de zijkanten en in de mouwen. Het kledingstuk wordt hierdoor zoveel mogelijk als één geheel gebreid.

Kleuren en patronen

Naast verschillende steken en technieken kan er natuurlijk volop met kleur worden gewerkt. Denk aan verticale of horizontale strepen, kleurvlakken, blokken of bijvoorbeeld een Fair Isle-patroon met meerdere kleuren.

De combinatie van garen, kleur en patroon bepaalt voor een groot deel de uitstraling van het uiteindelijke werkstuk. Daardoor kan hetzelfde model er met een andere materiaal- of kleurkeuze compleet anders uitzien.

Van heel fijn tot lekker dik garen

Voor mijn breiwerk gebruik ik verschillende soorten garen. Dat varieert van heel dun garen dat met naalden van ongeveer 2 tot 3 mm wordt gebreid tot dikker garen waarvoor bijvoorbeeld naalden van 8 mm worden gebruikt.

Dun garen zorgt voor een fijner en dunner breiwerk en is heel geschikt voor bijvoorbeeld ajourpatronen. Een glad garen laat steken en patronen duidelijk uitkomen. Met een garen met een subtiele glans kan zo’n patroon nog meer tot zijn recht komen.

Bij pluizig garen houd ik het breiwerk juist graag eenvoudig. Het garen zelf zorgt al voor structuur en een mooie uitstraling en heeft vaak helemaal geen ingewikkeld patroon nodig. Dikkere garens zijn daarentegen weer heel geschikt voor verschillende soorten kabelpatronen.

Breien op een rondbreinaald

Een rondbreinaald gebruik ik niet alleen om kledingstukken zonder naden te kunnen maken. Ik vind deze manier van breien ook prettiger werken. Een groot deel van het gewicht van het breiwerk kan op de schoot rusten in plaats van aan de breinaalden en de handen te hangen.

Bij het traditionele breien met twee rechte naalden rust één van de naalden vaak onder de arm en wordt het gewicht van het breiwerk anders verdeeld. Zeker bij grotere werkstukken merk je het verschil.

Sokken en wanten breien

En dan zijn er natuurlijk nog sokken en wanten. Ook deze worden in het rond gebreid, maar vanwege het kleinere aantal steken zijn daarvoor andere breinaalden nodig.

Ik gebruik hiervoor speciale flexibele sokkennaalden of werk met vier of vijf korte breinaalden. Zo kunnen ook kleinere ronde vormen worden gebreid zonder dat er een naad nodig is.

Van een bol garen naar iets bijzonders

Dat is voor mij uiteindelijk de uitdaging én het mooie van breien: je begint met garen en een idee en maakt daar stap voor stap een compleet en uniek product van.